maandag 23 februari, 2026
De stem van de nieuwe generatie

Tussen vakmanschap en prompt: ‘AI-schaamte’

Beeld: Vincent de Groot
Economie

Gebruik jij weleens AI op werk, maar schaam je je er stiekem voor? Je bent niet de enige.

Door: Janna van de Water
Leestijd: 7 min

Kunstmatige intelligentie is in ons dagelijks leven én op de werkvloer in korte tijd vanzelfsprekend geworden. Toch blijkt uit grootschalig onderzoek van de University of Melbourne en adviesorganisatie KPMG, onder circa 50.000 respondenten wereldwijd, dat meer dan de helft van de werknemers zich ongemakkelijk voelt bij het gebruik van AI voor het werk. Ethische en duurzaamheidsoverwegingen spelen een rol, maar er speelt meer. Het gebruik van AI voelt als valsspelen en draagt bij aan imposter-gevoelens. Wat onthult deze ‘AI-schaamte’ over de veranderende manier van werken en onze blik op authenticiteit en vakmanschap?

Van lege pagina naar promptvenster

Soms lijkt het alsof er maar weinig overblijft wat kunstmatige intelligentie niét sneller en efficiënter kan. Verreweg de meest ingezette tool is generatieve AI. Dat is een technologie waar ook chatbots als ChatGPT en Gemini onder vallen en waarmee teksten, video’s en beeld razendsnel gegenereerd kunnen worden. Zoë*(29) is marketeer bij een klein bureau en merkt dat deze vorm van AI haar manier van werken ingrijpend veranderd heeft. Ze wil niet met haar echte naam in dit stuk, omdat ze liever niet heeft dat klanten haar kunnen herleiden. Haar werk bestaat in principe uit het schrijven van blogs, social media posts en websiteteksten. “Ik houd van het schrijven,” zegt ze, “dus toen AI op werk werd geïntroduceerd, was het wel even slikken dat er ineens iets is dat daar veel sneller en misschien zelfs beter in is dan ik.”

‘Ik houd van schrijven, dus toen AI op werk werd geïntroduceerd was het wel even slikken dat er ineens iets is dat daar veel sneller en misschien zelfs beter in is dan ik’

Inmiddels ziet haar werkdag er door de integratie van AI dan ook anders uit. De lege pagina is vervangen door een promptvenster. De concurrentie in de marketingwereld ligt hoog en klanten geven prioriteit aan snelheid en efficiëntie. “We zijn sneller en dus goedkoper als wij AI inzetten.” Zoë’s werk is veranderd in goed prompten, kritisch redigeren en het verwijderen van typische ‘AI-red flags’: formuleringen of manieren van schrijven die verraden dat een tekst door een AI is gegenereerd. Klanten willen snelheid en vinden het daarom prima dat de marketeer AI gebruikt, maar willen wel een authentieke tekst. “Drie korte zinnen als opening, bijvoorbeeld. Of de en dash (red. het gedachtestreepje). Die doet best pijn. Ik gebruikte hem zelf graag, maar door de associatie met AI haal ik hem nu maar zo veel mogelijk weg.”

Dope

Zoë zegt haar gebruik van AI aan zichzelf te kunnen verantwoorden omdat ze zich minder persoonlijk verbonden voelt aan de teksten die ze schrijft. Maar voor Beyza* (29, scenarist) is dat anders. Ook zij wil niet met haar echte naam in dit stuk, in haar geval omdat ze niet bekend wil komen te staan als “die ene schrijver die AI gebruikt”. Ze benadrukt dat ze slechts af en toe een chatbot gebruikt om te sparren, bijvoorbeeld als ze vastloopt op een volgende dramaturgische wending. Ze begon ermee toen een van haar opdrachtgevers haar op de mogelijkheid wees. Toch voelt het voor haar als valsspelen en doet ze het liever niet. “Die schaamte zit hem, denk ik, vooral in hoe ik naar mezelf en auteurschap kijk. Het voelt dan toch alsof ik een stukje talent en authenticiteit inlever. Een beetje alsof je sporter bent en dope gebruikt: goed zijn in die sport is je identiteit. Dus als je daar nu een hulpmiddel voor nodig hebt, wie ben je dan nog?” Ze denkt even na en voegt dan lachend toe: “Maar ja, als het steeds normaler wordt om dope te gebruiken en iedereen doet het, ben je straks wel de verliezer.”

Het typeert de paradox van dit moment. AI is overal, maakt werk sneller en goedkoper, en er is een bepaalde druk om deze technologische ontwikkeling te omarmen uit angst om anders achter te blijven. Tegelijkertijd willen we niet dat het eindproduct naar AI ‘ruikt’ omdat we neerkijken op het gebruik ervan en het bovendien voelt als verraad aan onze eigen competenties. Die spanning intrigeert ook dr. Marjolein Lanzing, techniekfilosoof aan de Universiteit van Amsterdam. Ze doet onderzoek naar wat zij ‘AI-schaamte’ noemt: gevoelens van schaamte, schuld of ongemak die individuen kunnen ervaren wanneer zij AI-tools gebruiken. Ze ziet dat bepaalde verwachtingen over capaciteiten, competentie en creativiteit hier van grote invloed zijn.

“We hechten sterk aan vakmanschap en aan het idee dat iets authentiek en oorspronkelijk is,” zegt Lanzing. Als een tekst of analyse deels door een systeem is gegenereerd, roept dat de vraag op: van wie is dit werk nu eigenlijk? Onder de schaamte schuilt wellicht dan ook een dieper liggende angst: wat blijft er van onze competentie over als we steeds afhankelijker worden van een technologie die steeds meer taken overneemt?

De prijs van gemak

De komst van nieuwe technologieën die het dagelijks leven van mensen gemakkelijker zouden moeten maken heeft wel vaker tot zorgen geleid. In 1872 ziet de Engelse schrijver Samuel Butler bijvoorbeeld hoe de Industriële Revolutie menselijke arbeid ingrijpend en onomkeerbaar veranderd heeft. Geschrokken van de snelheid van deze ontwikkeling, beschrijft hij in zijn essay The Book of the Machines een toekomst waarin machines zich zo ver ontwikkeld hebben dat we er als mens compleet afhankelijk van geworden zijn. Destijds gelezen als overdreven bangmakerij en satire, in een tijd van zelflerende algoritmes wellicht zo gek nog niet.

Een ander voorbeeld is de introductie van de rekenmachine in het onderwijs. Eind jaren tachtig van de vorige eeuw gingen wiskundeleraren de straat op uit vrees dat leerlingen hun rekenvaardigheden zouden verliezen en dat hun vakgebied overbodig zou worden. “Dat eerste is misschien wel een beetje gebeurd,” zegt tech-expert Job van den Berg. “Maar het tweede natuurlijk verre van. Een rekenmachine is pas een goed hulpmiddel als je begrijpt wat je invoert en wat de uitkomst betekent.”

Van den Berg geeft regelmatig lezingen en helpt bedrijven bij de integratie van AI op de werkvloer. Hij benadrukt daarbij dat AI nooit volledig het proces zal leiden en dat vaardigheden als kritisch denken, analyseren en factchecken nu des te belangrijker zijn. Werk zal veranderen, maar de mens blijft altijd dirigent. “De drempel om een grammaticaal correcte tekst te produceren is bijvoorbeeld extreem laag geworden. Binnen seconden heb je iets dat grammaticaal klopt en waarschijnlijk ook wel redelijk leest. Maar juist daardoor wordt het herkennen van de inhoudelijke en feitelijke kwaliteit dus belangrijker. (…) A fool with a tool is still a fool”. Met andere woorden: wie geen domeinkennis heeft, wordt door AI niet plotseling expert.

Ook Lanzing ziet deze verschuiving van de betekenis van vakmanschap, waarbij goed prompten, factcheckenen redigeren nieuwe essentiële vaardigheden zijn. Toch kunnen we er volgens haar niet omheen dat ook veel vaardigheden afnemen door ze uit te besteden aan het gemak van AI. “AI-gebruik is bovendien ontzettend verslavend,” vertelt ze. Bij gewenning aan de snelheid en efficiëntie van AI ligt gemakzucht op de loer en kan de drempel om het weer helemaal zelf te doen plots heel hoog zijn. Zeker in omgevingen waar de druk om te presteren hoog ligt, kan faalangst bovendien een rol spelen, voegt Lanzing toe. “Misschien moeten we ook gewoon erkennen dat sommige dingen, zoals het schrijven van een goede tekst, nu eenmaal gepaard gaan met tijd en moeite. Daar moeten we dus ook actief naar handelen op plekken waar mensen werken, schrijven en leren.” De uitdaging ligt daarom niet alleen in het leren gebruiken van AI, maar in het herdefiniëren van wat goed en betekenisvol werk eigenlijk is.

*Namen zijn bij redactie bekend

Eindredactie door Tijn Manche

Steun Red Pers

Je las dit artikel gratis, maar dat betekent niet dat het Red Pers niets heeft gekost. Wij bieden jonge, aspirerende journalisten een podium én begeleiding. Dat kunnen we nog beter met jouw steun. Die steun komt met twee voor de prijs van één, want onze sponsor matcht jouw donatie. Geef jij ons vijf euro? Dan ontvangen wij een tientje.

Over de auteur:

Janna van de Water (1996, zij/haar) is researcher en redacteur. Ze houdt van verhalen die de complexiteit van de wereld terugbrengen tot het menselijke. Als redacteur Economie zoekt ze dan ook naar de verhalen achter de cijfers, en naar wat data niet kan vertellen.

Lees meer van Janna van de Water