Op het Gerard Douplein in de Pijp in Amsterdam begint de vrijdagavond langzaam op gang te komen. Terrassen zitten vol na de eerste warme dagen van het jaar en mensen schuiven stoelen bij. Debid* (42) staat met zijn polaroidcamera om zijn nek te wachten aan de rand van het plein. “Kom,” zegt hij dan. “We moeten gauw beginnen. Ik moet vanavond nog naar heel veel cafés.”
Debid is een politieke vluchteling uit Bangladesh. Hij is al ruim 20 jaar in Nederland en slaapt op de bank bij een vriend in Amsterdam. Om rond te komen maakt hij polaroidfoto’s van het publiek in het Amsterdamse nachtleven. Zijn vaste buurten zijn de Pijp en Oost. “Vroeger werden er bloemen verkocht, zoals in Italië, Spanje en Portugal,” zegt hij. “Maar die gingen kapot of werden afgepakt door dronken mensen. Op zoek naar werk kwam ik in aanraking met polaroidfotografen in het nachtleven. Toen heb ik een polaroidcamera gekocht en ben ik zelf foto’s gaan maken.”
Fotograaf op 21-diner
Debid begint zijn ronde bij Café De Groene Vlinder. Het personeel begroet hem met een kus op de wang. Terwijl hij zijn weg baant door het café geeft hij meerdere bekenden een boks. “Na al die jaren kent iedereen me en ben ik meer dan welkom in de cafés. Vaak krijg ik van het personeel een munttheetje of koffie. Everybody loves Debid”, zegt hij lachend.
Debid verplaatst zich in rap tempo van café naar café. In de eerste kroegen schudden veel mensen vriendelijk hun hoofd als ze een polaroidfoto wordt aangeboden. Na een klein kwartiertje wurmt hij zich door Café Venster 33 waar de eerste gegadigden zich melden voor een foto. Vier jongens van midden twintig zitten aan een hoge tafel en poseren met de armen om elkaar heen. Daniël Bijlsma (26) geeft Debid een knuffel en vertelt dat ze elkaar al jaren in het Amsterdamse nachtleven treffen. “Debid is zelfs foto’s komen maken op mijn 21-diner destijds”, zegt hij.
Ongeschreven regel
Debid werkt op donderdag, vrijdag en zaterdag tot ongeveer twee of drie uur ‘s nachts. “Op een goede avond maak ik zo’n dertig tot veertig foto’s”, zegt hij. Debid vraagt vijf euro voor een foto en laat klanten met een tikkie betalen. Eenmaal aangekomen bij de overvolle Eddy Bar gonst de muziek al buiten. Debid baant zich een weg naar binnen en draait zich abrupt om. Er blijkt al een andere polaroidfotograaf aan het werk te zijn. “Er is een ongeschreven regel dat we elkaar niet in de weg lopen.”
‘Op een goede avond maak ik veertig foto’s’
In totaal zijn er zo’n vijftien à twintig polaroidfotografen actief in Amsterdam. Ze werken allemaal zelfstandig en zonder officiële vergunning. “Er is geen baas, elke fotograaf werkt voor zichzelf”, legt Debid uit. “De concurrentie is hoog, daarom heb ik zoveel haast om elk café langs te gaan.” Over de precieze verhouding tussen de fotografen wil hij niet veel kwijt. Hij vertelt dat de politie door de jaren heen milder is geworden tegenover de polaroidfotografen. “Ze knijpen vaker een oogje toe, maar het blijft illegaal werk.”
Altijd blijven lachen
Bij Café Mazzeltof drentelen drie mannen van middelbare leeftijd rond voor de ingang. Bij het zien van Debid maken ze een racistische opmerking. Debid houdt zijn hoofd omhoog en loopt door. “Ik blijf altijd lachen en ga snel ergens anders heen”, zegt hij. “Als mensen niet willen betalen of nare opmerkingen maken ben ik machteloos. Ik heb geen verblijfsvergunning en geen huis.” Hij voelt zich gesteund door het personeel van de cafés. “Als iemand vervelend doet dan spreken ze diegene daarop aan.”
‘Als mensen me niet willen betalen, ben ik machteloos’
Wanneer Debid niet aan het werk is kan hij moeilijk ontspannen. “Elk moment kan mijn vriend zeggen dat ik niet meer bij hem mag slapen”, zegt hij. Binnenkort hoopt Debid zijn verblijfsvergunning te ontvangen. “Ik wil dan een echte baan,” zegt hij. “En een eigen restaurant openen. Burgers en friet. Nederlanders houden daarvan.”
Weer aangekomen bij de Groene Vlinder zit de eerste ronde door de Pijp er bijna op. De horecaportier van het café begroet Debid enthousiast. “Ik loop deze ronde meerdere keren op een avond dus ik maak veel praatjes met mensen”, legt hij uit. Op het plein verzamelen zich nieuwe mensen met een biertje in hun hand. Debid hangt zijn camera recht en begint aan ronde twee.
*Om privacyredenen is een gefingeerde naam gebruikt. De echte naam is bekend bij de redactie.
Eindredactie door Eke Dros